Als je zelf geen woorden meer hebt voor al dat leed…
Vaak heb ik niet eens meer woorden voor het overweldigende leed dat dieren wordt aangedaan. Gisteren is bijvoorbeeld begonnen met het ‘ruimen’ van ‘de eerste duizenden’ nertsen vanwege corona. En dan worden in het bericht nog alleen de teven en hun pups genoemd; geen woord over de mannelijke dieren en hoeveel dat er zijn.
Het gaat hier om het doden van de eerste duizenden van nog veel meer door God geschapen levens alsof het niets is. Duizenden dieren die door de onverschilligheid en de hebzucht van de mens al een dieronwaardig leven leidden en die nu massaal vergast worden. Oftewel een afschuwelijke doodsstrijd moeten doormaken.
Elk individueel dier heeft heeft van God het leven gekregen tot eer van de Schepper. Welk recht denken wij nietige mensen te hebben om zo met onze medeschepselen om te mogen gaan?!
Als ik zelf geen woorden meer kan vinden om te bidden tot de Schepper van al het leven, ben ik blij met het boek ‘Animal Rites’ van Andrew Linzey.
In het verleden vond ik het bestaan van gebedenboeken maar raar. Gebeden oplezen vanuit een boek; hoe zinvol kon dat zijn? God heeft toch veel liever een persoonlijk gebed, een persoonlijk gesprek met mensen? Toch krijg ik er steeds meer waardering voor dat mensen gebeden op schrift hebben gesteld, waarmee je kunt bidden als je zelf zó overstelpt, zo verpletterd bent door al dat leed, dat je er geen woorden meer voor kunt vinden.
Zoals nu, wanneer ik letterlijk met mijn mond vol tanden sta als ik zie hoe mijn medemensen met onze medeschepselen omgaan.
In zijn inleiding citeert Andrew Linzey een gebed van St. Basil de Grote uit de vierde eeuw:
O God,
Vergroot in ons het gevoel van
verbondenheid met alle levende wezens,
onze broeders, de dieren, aan wie U
de aarde als hun huis gaf,
in gemeenschap met ons.
We herinneren ons met schaamte dat wij in het verleden
ons rentmeesterschap als mensen
met meedogenloze wreedheid hebben uitgeoefend,
zodat de stem van de aarde
die naar U op had moeten stijgen in een lied,
een gekreun van moeiten en lijden was.
Mogen we ons realiseren dat zij niet
ten dienste van ons leven,
maar voor henzelf en voor U,
en dat zij van de zoetheid van het leven houden.
Dit gebed is nu, vele eeuwen later, helaas nog steeds actueel. Het leed dat wij als mensen onze medeschepselen de dieren aandoen, vindt op nog veel grotere schaal plaats dan toen. Ontelbare dieren lijden in de vee-industrie, in circussen, dolfinaria en andere plaatsen waar ze kunstjes moeten vertonen die helemaal niet bij hun aard passen en op zovele andere plaatsen waar ze worden uitgebuit. Allemaal onder het mom dat dieren simpel zouden bestaan om de mensheid te dienen.
God,
Enlarge within us the sense of
fellowship with all living things,
our brothers the animals to whom you
gave the earth as their home in
common with us.
We remember with shame that in the past
we have exercised the high dominion
of humans with ruthless cruelty
so that the voice of the earth
which should have gone up to you
in song, has ben a groan of travail.
May we realize that they live not for
us alone but for themselves and for
you, and that they love the
sweetness of life.